I’m writing this blog post using an iPad, a bluetooth keyboard, and the iPad app Prompt connecting to an Amazon EC2 instance running emacs. That should give you an idea as to what kind of guy I am, a masochist… no wait, a geek. Being a geek and apparently a masochist, Wordpress never really suited my needs as a blogging platform. It has all these outlandish features like user friendly graphical user interfaces and rich text editors. Yuk!
Enter Octopress, a blogging platform built around the concept of static HTML generated from Markdown sources. Octopress isn’t appropiate for all you normies out there, but for a masochistic geek like myself it’s heaven. What’s not to like:
You never have to update Wordpress again!
You can save your blog posts in Git!
You don’t have to worry about security! PS evil hacker dudes, please don’t regard this as a challenge.
You can use any text editor you like!
You can use cheap to free hosting! Like S3 or Github Pages.
You can write patronizing blog posts about how much more awesome you are than your blogging buddies!
Usually I would promise all kinds of stuff here about future blog posts but I know myself better than that. Those blog posts will never be written. As the Dutch say, “a donkey never hits himself two times on the same stone”.
Sinds een week of twee is Google Maps-navigatie beschikbaar voor Nederlandse Android-telefoons. Als eigenaar van de Android Developer Phone, de ADP1, wil ik natuurlijk gebruik maken van deze functionaliteit. Helaas wordt de ADP1 niet actief ondersteund door Google en HTC als consumententoestel. Als er vervolgens een fout in de software sluipt die (niet opgelost wordt en) tot gevolg heeft dat het onmogelijk is om Google Maps te updaten naar een nieuwere versie zit je als gebruiker met de spreekwoordelijke gebakken peren. Zonder te updaten naar deze nieuwe versie is de navigatiefunctionaliteit niet te gebruiken dus zit er maar een ding op, klooien!
De oplossing voor dit probleem is relatief simpel. We hoeven slechts de geïnstalleerde versie van Google Maps volledig te verwijderen van de telefoon om vervolgens via de Android Market Google Maps opnieuw te installeren. De ADP1 is niet voor niets een ontwikkelaarstoestel en dus beginnen we met het installeren van de Android SDK. Zodra dit gebeurd is kunnen we aan de slag!
Zorg er om te beginnen voor dat je met de Android Debug Bridge als root kunt communiceren met je toestel. adb root
Vervolgens mounten we de systeempartitie opnieuw zodat we bestanden van deze partitie kunnen verwijderen in de volgende stappen. adb remount
Sla een reservekopie op van het installatiepakket van de geïnstalleerde Google Maps-versie. Mocht er iets mis gaan kun je dit bestand altijd gebruiken om de oude versie opnieuw te installeren. adb pull /system/app/Maps.apk ~/Maps.apk
Verwijder vervolgens het installatiepakket van de geïnstalleerde Google Maps-versie. adb shell rm /system/app/Maps.apk
Deïnstalleer vervolgens de Google Maps-applicatie van het systeem. adb uninstall com.google.android.apps.maps
Ga vervolgens op je toestel naar de Android Market en installeer Google Maps et voilà, je draait nu de nieuwste versie met navigatie-ondersteuning! Google Maps is te installeren met behulp van onderstaande QR-code.
Zoals sommigen van jullie gisteren al op Twitter konden lezen, is het per ongeluk verplaatsen van de root van je Linux-systeem is niet aan te raden. Gelukkig ben ik door deze blunder geen data verloren (dankzij mijn vrij strikte backup-beleid en de begeleiding van Pascal de Bruijn). Wel was ik genoodzaakt mijn systeem opnieuw te installeren en dus ook mijn ontwikkelomgevingen opnieuw op te zetten. Een van deze omgevingen is gericht op de ontwikkeling van Java ME-applicaties in de NetBeans IDE. Normaliter werkt dit vlekkeloos op Ubuntu ware het niet dat ik per ongeluk de verkeerde CD-ROM van de stapel pakte en de 64-bits versie van Ubuntu installeerde. Helaas is er nog geen Java ME SDK met 64-bits ondersteuning. Dit hoeft echter geen probleem te zijn met onderstaande instructies.
Deze instructies zijn gebaseerd op de volgende softwarepakketten:
De oplossing begint met het installeren van het Ubuntu-pakket ia32-sun-java6-bin. Dit bevat een aantal 32-bits pakketten welke nodig zijn voor de 32-bits Java ME SDK. Het is mogelijk dit pakket als standaard Java-installatie te specificeren maar dit betekent dat al onze Java-applicaties nu op 32-bits draaien. Omdat ik alle andere Java-code gewoon op 64-bits wil blijven draaien gaan we NetBeans en de Java ME SDK dusdanig configureren dat alleen zij gebruik maken van de 32-bits pakketten.
Ten eerste dienen we het standaard JDK-pad van NetBeans aan te passen. Dit is te vinden in het bestand $NETBEANS_HOME/etc/netbeans.conf waarbij $NETBEANS_HOME je NetBeans-installatiemap is. Wijzig hier de variabele netbeans_jdkhome naar het pad van het zojuist geinstalleerde pakket. In mijn geval ziet dit er als volgt uit:
netbeans_jdkhome="/usr/lib/jvm/ia32-java-6-sun"
Vervolgens dienen we de Java ME-emulator te vertellen waar we deze 32-bits variant kunnen vinden. Dit doen we door het bestand $NETBEANS_HOME/mobility8/WTK2.5.2/bin/emulator aan te passen. Verander hier de variabele javapathtowtk als volgt:
javapathtowtk=/usr/lib/jvm/ia32-java-6-sun/bin/
Nu kun je aan de slag met Java ME op je 64-bits Ubuntu-installatie! Bij mij werkt bovenstaande oplossing vlekkeloos. Diverse fora afstruinende naar een oplossing kwam ik echter veel mensen tegen bij wie bovenstaande oplossing slechts gedeeltelijk werkte (met name debuggen werkte regelmatig niet). Tevens dient vermeld te worden dat NetBeans nu altijd de 32-bits variant gebruikt. Wil je NetBeans voor meer dingen gebruiken als Java ME-ontwikkeling is het verstandig een tweede NetBeans-installatie te gebruiken voor bovenstaande handelingen. Succes!
Gisteren werd dan eindelijk Spotify gelanceerd in Nederland. Spotify is een online muziekdienst die een gebruikerservaring biedt die mijns inziens het best vergeleken kan worden met de gebruikelijke iTunes- of WinAmp-ervaring met één grote “maar”. Die “maar” zit hem in het feit dat in tegenstelling tot die armoedige muziekbibliotheek die wij allen in onze applicaties beheren Spotify in dezen de bibliotheek is. Je hoeft niets te importeren of organiseren en hebt de beschikking over zo’n 8 miljoen nummers. De (terecht) veel gemaakte opmerking was gisteren dan ook: “Dit doe ik toch al maanden met Grooveshark”. Alhoewel er veel overeenkomsten zijn tussen de twee diensten gebruik ik toch liever Spotify. Hieronder zet ik uiteen waarom.
Ik haat Flash
Grooveshark gebruik je door naar de website toe te surfen, optioneel in te loggen om vervolgens je muziek af te spelen. Deze gehele website draait in Flash, hier is opzichzelfstaand niets mis mee ware het niet dat Flash op “de alternatieve platformen” (lees: Mac OS X en Linux, welke ik respectievelijk privé en zakelijk gebruik) al jarenlang een abominabel slecht product is. Het is traag, zwaar en is verantwoordelijk voor het gros van mijn browserproblemen (de boel blijft hangen of sluit spontaan af). Spotify gebruik je met behulp van een desktopapplicatie die weliswaar ook is ontwikkeld op basis van Flash (afgaande op het uiterlijk en gedrag van de applicatie is het ontwikkeld met behulp van Adobe Air) maar mijn browser niet lastig valt.
Ik haat diensten die hun gebruikers misbruiken
Grooveshark heeft een fantastisch groot muziekaanbod. Ze hebben echt letterlijk alle grote artiesten, zelfs de artiesten die notoir zijn om hun terughoudendheid hun repertoire online beschikbaar te maken (denk aan The Beatles, AC/DC en Metallica). Deze artiesten (en meer) zijn niet beschikbaar op Spotify. Grooveshark heeft deze muziek wel omdat ze hun gebruikers de mogelijkheid bieden hun eigen muziekbibliotheek te uploaden. An sich een mooie feature ware het niet dat ze volgens de Terms of Service hun gebruikers wel verantwoordelijk houden voor de uploads.
Ik haat diensten die stoppen
Ik twijfel persoonlijk sterk aan het langetermijnbestaan van Grooveshark. Grotendeels vanwege mijn vorige bezwaar tegen het gebruik van Grooveshark. Het zou me niet verbazen als de platenmaatschappijen en gerelateerde organisaties niet al te vriendelijk zullen zijn voor de heren Grooveshark. Ik ben dan ook niet bereid veel te investeren (het maken van afspeellijsten en dergelijke) in een platform dat wellicht geen lang leven beschoren kan zijn.
Ik haat chaos
Bovenstaande drie argumenten tegen het gebruik van Grooveshark vallen echter in het niet bij mijn laatste. Ik ben nogal een mierenneuker, zeker als het neerkomt op van die onbelangrijke dingen als metadata van muziekbestanden. Het kriebelt bij mij dan ook aan alle kanten als ik op Grooveshark een nummer of artiest zoek en verschrikkelijk rommelige resultaten terug krijg. Nog erger is het als ik in plaats van het origineel een remix of nog erger cover krijg voorgeschoteld. Laat staan dat het er stikt van duplicaten.
Bovenstaande zijn redenen voor mij om Grooveshark niet te gebruiken. Ik ben echter vrij kritisch (zeikerd - red.) dus wellicht denk jij er heel anders over. Kritiek (zeiken - red.) op dit artikel zie ik dan ook graag hieronder in de reacties of op Twitter.
Vandaag was het dan zover, samen met een dozijn Twitteraars mochten we met onze vettige vingers de iPads van Harold Kuepers en Maurits Knook, twee bijzonder stijlvolle koejongens, aaien. Harold en Maurits zijn waarschijnlijk een van de eerste Nederlanders die in het bezit zijn van het nieuwste speeltje van Apple nadat ze afgelopen weekend op en neer zijn gevlogen naar Florida.
Het plaats delict was het AC wegrestaurant te Nederweert waar we vanochtend een hoek van het pand claimden. Nadat Harold zijn trip naar Florida in geuren en kleuren verteld had was het dan zo ver, spelen! Hieronder enkele conclusies die ik nog niet getrokken had uit de specificaties, afbeeldingen en video’s.
Over het algemeen was ik erg onder de indruk van het apparaat. Het eerste wat me opviel was de gigantische inkijkhoek van het scherm van de iPad. Deze lijkt de 180° behoorlijk te benaderen. Verder was het apparaat iets zwaarder dan ik verwacht had. Met zo’n 700 gram is het zeker niet zwaar te noemen, maar hij oogt lichter. De iPad ligt lekker in de hand en voelt erg stevig. De zwarte rand om het scherm zorgt er tevens voor dat je vingers nooit het scherm bedekken tijdens het lezen (en past qua uiterlijk bij de rest van de huidige Apple productlijn). Wat ik opvallend vond was het gebrek aan Cover Flow in de iPod-applicatie. Persoonlijk ben ik namelijk niet heel dol op Cover Flow in iTunes en op mijn iPod Classic maar juist op dit apparaat zou dit een mooie toepassing zijn.
De grootste tegenvaller lijkt (voor mij) de resolutie van het scherm te zijn. Als ik een iPad zou aanschaffen zou dat namelijk om twee redenen zijn, internetten en lezen. Helaas lijkt de resolutie net iets te laag te zijn om langdurig te lezen. Dit kan in de praktijk natuurlijk meevallen maar de ietwat korrelige letters vielen me meteen op. De iPad iets verder van me af houden en de letters iets groter zetten lost dit probleem gedeeltelijk op. Ik ben erg benieuwd hoe iPadbezitters na enkele maanden intensief gebruik denken over de leescapaciteiten van het apparaat. Al met al ben ik enthousiast maar twijfel ik nog enigszins of het apparaat wel overeenkomt met mijn gewenste gebruikspatroon. De tijd zal het leren.
De meest opvallende eigenschap van de iPad was echter de ingebouwde concurrentiebescherming. Arvid, werkzaam bij HP, probeerde enkele malen tevergeefs een promotiefilmpje van de HP Slate af te spelen op de iPad. Een van die pogingen resulteerde zelfs in een gedwongen herstart van de iPad! Hieronder het resultaat na vele verwoede pogingen.
Het was een erg gezellige middag en het was erg leuk om enkele Twitteraars eens in het echt te zien (inclusief enkele nieuwe gezichten). Verder was het wel apart om een opdrachtgever van een van mijn projecten tegen te komen op deze tweetup. Kleine wereld! Uiteraard ben ik niet de enige die het de moeite waard vond een artikel te plaatsen over deze iPad tweetup (reageer indien jouw artikel er niet tussen staat!):
- Arvid Bux
- StyleCowboys
- Rob van den Borne
Beiden bovenstaande video’s zijn gemaakt door Arvid. Meer video’s en afbeeldingen zijn te vinden op Arvid’s YouTube en Flickr.